KONINGEN voor Kleuters

 

 

 (MVDK, NB, EG, IK, LO, SB/L3_01)

 

 

Inleiding:

 

Voor het project over “koningen” hebben wij drie bijbelse verhalen gekozen.

Omdat we lessen maken voor kleuters (onderbouw), kiezen we voor eenvoudige verhalen.

De verhalen komen uit het boek :

“Om te beginnen” van Tinie de Vries.

De verhalen die we daaruit hebben gehaald zijn:

1)     Wie zal koning worden?

2)     Salomo wordt koning.

3)     Salomo vraagt om wijsheid.

 

Naar aanleiding van deze verhalen hebben we lessen verzonnen en uitgewerkt.

Deze verhalen komen uit de bijbel ook hebben we er andere verhalen bij betrokken die te maken hebben met koningen en koninginnen. Dit boeken zijn voornamelijk prentenboeken.

 

 

Een collage maken

 

Het is altijd handig om even met de kinderen te praten over wat een collage is en wat er nou allemaal bij het onderwerp koningen hoort. Dit kan in de kring of gewoon aan de tafels. Na een gesprekje kunnen de kinderen vaak vlotter aan het werk gaan, omdat zij weten wat er van hen verwacht wordt.

Je zorgt ervoor dat je veel tijdschriften en folders in de klas hebt liggen. Het is dan misschien ook handig om van te voren aan de kinderen te vragen of zij tijdschriften en folders van huis willen meenemen, anders moet je er zelf mee slepen.

De kinderen krijgen in een groepje een groot vel papier, het liefst karton, dat is een beetje stevig en daar mogen de kinderen van alles opplakken dat volgens hen te maken heeft met het onderwerp koningen. Wanneer je dit aan het begin van een thema zult doen zullen er meer verschillende collages worden gemaakt dan wanneer je dit in een later stadium zult doen.

Wanneer alle collages klaar zijn kunnen de kinderen hun eigen collage presenteren aan de klas. De presentaties zijn eigenlijk het belangrijkst. Je kunt dan van de kinderen horen waarom zij bepaalde plaatjes hebben gekozen. Eerst ziet het misschien erg onlogisch, maar na een goede uitleg toch interessant zijn.

 

 

De koning gaat marcheren, bewegingsonderwijs

 

Groepsomvang:

16 tweetallen in een lange rij.

Gezongen lied:

De koning marcheert  (Lied in de klas aanleren.)

Activiteit:

De kinderen stappen in omgangsbaan door de zaal. Bij 'O, Rozalina' staat de hele rij stil. Er wordt een straatje gemaakt. Iedereen klapt op de maat in de handen. Op het eerste 'O, Rozalina' gaat het voorste tweetal in zij - waartse galop door de straat en sluit achter in de rij aan. Op het tweede 'O, Rozalina' gaat het volgende tweetal in galoppas naar achteren en op het derde 'O, Rozalina' het tweetal dat daarop volgt. Als het lied uit is sluit de straat zich. De rij gaat weer op stap met een nieuw tweetal voorop.

Regelingen:

Doe de vorm minstens 6 keer, zodat ieder tweetal minstens 1 keer door de straat is geweest.

Volgorde van uitleg:

De leerkracht stapt voorop en leert de dans in 2 lessen aan: - les 1: Na de laatste 'honderdduizend man' roept ze 'en sta stil', het klappen volgt. Tijdens het klappen gaat de leerkracht tussen de rijen door naar achteren; het straatje. - les 2: De leerkracht gaat vooraan lopen; bij iedere 'O, Rozalina' laat ze de twee voorsten de handen vastpakken; dit tweetal wordt door de rij naar achteren gestuurd.

 

 

 

 

Hoek inrichten.

 Natuurlijk hoort er bij het project koningen ook een hoek, waar de kinderen bijvoorbeeld de verhalen kunnen naspelen. Het is belangrijk en leuk dat de kinderen helpen bij het inrichten van de hoek. Ze zijn meer betrokken en de hoek wordt eigen. Kleuters hebben een grote fantasie en kunnen je goed helpen bij het zoeken / maken van materialen en het inrichten van de hoek. Zo zou je kunnen denken aan het maken van een eigen kroon, kleding voor de mensen > dure kleren voor hele rijke mensen, gewone kleren of lakens. Wat vinden de kinderen, hoe denken zij hierover? Zou er een rijke koning wonen? Heeft hij een paleis en een troon of woont hij onder de gewone mensen? Wat doet een koning? Wie is koning Salomo en wat doet hij? 

 

Materialen in de hoek:

-         Staf

-         Doeken

-         Goudkleurige dingen en kleden

-         Kroon

-         Kleding

-         Sieraden

-         Dure spullen

-         Trompet

 

Doelen van de hoek:

-         Bevordering van de fantasie van de kinderen

-         Sociale vorming >> de kinderen leren samen te spelen, met het spel op elkaar aan te sluiten

-         Spelontwikkeling >> bijvoorbeeld de koning schrijft brieven en laat deze brengen door zijn hulpjes

-         De kinderen krijgen inzicht in hoe koningen nu en vroeger leefden als ze rijk of ‘arm’ zijn

-         Bevordering rollenspel

 

Het is ook leuk en interessant om het eens over Jezus te hebben met de kinderen. Wie was hij? Wat deed hij? Genezer? >>> Koning van de Joden. >>> Hoe dan? Hoe ging hij met zijn volk om? Enz.

 

 

Drama.

 Wat de kinderen vaak heel leuk vinden is het uitspelen van de verhalen. Je kunt dit op meerdere manieren doen, te denken aan zelf spelen en poppenkast spelen. Ze krijgen de gelegenheid zicht te uiten en gaan het verhaal beter begrijpen. Je kunt zoveel uitbreiden als je wilt. Samen met de kinderen kun je een vervolg maken op de verhalen. (Laat de kinderen spelen in de hoek en met de poppenkast.)

 

Activiteiten:

 

-         Optocht voor de koning:

Activiteit vanuit bewegingsonderwijs net als ‘Twee emmertjes water halen’

 

-         Hoe gedraagt een koning zich?

Een koning die zich machtig voelt, een koning die net zo gewoon is als alle andere mensen, een koning die oud is enz.

 

-         Narrenspel

Vertellen wat narren zijn en dat zij de koning vermaken. Hoe zouden ze dat doen?

Kinderen geven voorbeelden.

 

-         Uitspelen van de verhalen

Onder goede begeleiding van de leerkracht, kunnen de verhalen worden nagespeeld.

 

 

 

 

De Koets

 

Dit is een knutselwerkje, wat je naar aanleiding van één van de verhalen kunt doen.

 

Benodigde materialen:     -    Voor ieder kind een eierdoos waar 6 eieren in

                                              kunnen                                             

-         Per persoon 4 splitpennen

-         Karton (voor de wielen en het dak)

-         Lange satéprikkers

-         Verschillende kleuren crępepapier

-         Verschillende kleuren papier

-         Lijm

-         Scharen

-         Zwarte stift

-         Verf

-         Kwasten

 

Voorbereiding:

Het is natuurlijk erg handig als je van tevoren zelf een voorbeeld maakt.

 

Uitvoering:

Ten eerste is het handig om je te realiseren dat je dit werkstuk niet in één keer kan maken.

De eerste stap is namelijk dat je de eierdoos gaat verven. Het is het beste deze een dag te laten drogen.

 

De volgende dag ga je verder met de wielen. Het is het handigst om te zorgen voor een malletje, die de kinderen om kunnen trekken. De wielen worden gemaakt van stevig karton, malletje omtrekken en uitknippen. Met een zwarte stift kunnen de spaken erop getekend

worden. Deze wielen worden aan de eierdoos bevestigd met splitpennen. Het dakje wordt gemaakt met satéprikkers die rechtop in alle hoeken van de eierdoos worden gestoken, hierop wordt een dakje gemaakt van karton en gekleurd papier, naar eigen invulling. Ook worden aan de voorkant nog twee satéprikkertjes gestoken, hier loopt het paard tussen.

 

Het resultaat is een mooie koets, die de kinderen zelf hebben gemaakt. Misschien hebben de kinderen zelf ook nog goede ideeën, die je hierbij kunt gebruiken.

 

 

Kijktafel

 

Alle materialen die met koningen te maken hebben, kunnen op een tafel worden uitgestald. Het mooiste is als er eerst een mooi rood kleed over de tafel wordt gelegd en dat de tafel ook hoogteverschillen heeft. Te denken valt aan: boeken over koningen, dingen die de kinderen hebben gemaakt, plaatjes, voorwerpen, een collage of tekeningen die er boven wordt gehangen enz. enz.

 

 

Prentenboek: Zij is altijd de eerste

 

Het prentenboek: “Zij is altijd de eerste”, van Hiawyn Oram gaat over twee zusjes die prinses zijn. Het oudste prinsesje, is prinsesje de eerste, zij wordt steeds voorgetrokken. Prinses de tweede is heel jaloers op haar, want die wil ook de eerste zijn.

 

Introductie

Als introductie lees je het verhaal voor. Hier houd je dan met de kinderen een nagesprek over, waarin voornamelijk de verschillende personen die in het boek voorkomen, aandacht krijgen.

 

Kern

Je kan de kinderen vertellen dat ze een figuur uit het boek mogen kiezen en die proberen te maken met gebruik van een wc-rol, pollepel enz. De kinderen moeten wel allemaal een ander figuur uit het verhaal maken, zodat als ze klaar zijn, het verhaal kunnen uitspelen met de poppenkast. Er zijn heel veel verschillende manieren om een pop te maken. Het is wel van belang om deze opdracht niet met een al te grote groep kinderen te doen, omdat ze het over het algemeen best wel moeilijk vinden. Als je de poppen van een wc-rol maakt, kan je het hoofd met een prop kranten maken, met daaroverheen gekleurd papier. Het lijfje een mooie kleur geven, wol voor de haren, armpjes enz. Het is leuk als de kinderen veel eigen inbreng hebben.

 

Afsluiting

Het verhaal uitspelen met behulp van de poppen en de poppenkast.

 

 

 

De bouwhoek.

 

Voorafgaand aan de bouwhoek kun je een inleidend gesprek hebben over hoe kastelen eruit zien. Zodat ze zich al een beeld gaan vormen van kastelen, en de verschillende soorten kastelen.

In de bouwhoek gaan we kastelen bouwen.

Er komen platen te hangen met voorbeelden en de kinderen kunnen naar aanleiding van de voorbeelden kastelen bouwen.

Dit kan van eenvoudig tot moeilijk zodat ze zelf de keus hebben wat ze willen bouwen. Deze hoek wordt ook neergezet naar aanleiding van de verhalen over koningen.

De hoek kan uitgebreid worden met kleden, dekens etc. om de prikkeling van de fantasie te stimuleren.

Het is een leuk idee om kastelen te ontwerpen op papier en daarna nóg een keer in de bouwhoek, het ontworpen kasteel namaken.

 

 

Een kroon maken.

 

Je kan een kroon op verschillende manieren maken. Je kunt het op een makkelijke manier doen voor de lagere groepen en het moeilijker maken naar mate de kinderen wat ouder worden.

Voor de lagere groepen.

Je neemt een stuk breed papier in verschillende kleuren dat om de hoofd van de kinderen past. De kinderen mogen een kleur papier uitkiezen en gaan versieren. Voor het versieren kun je verschillende materialen gebruiken:

-         gekleurd papier dat kan worden geknipt

-         verschillende figuurtjes van papier

-         folie

-         kurken

-         knopen

Voor de rest heb je scharen, lijm, zeiltjes en schorten nodig.

 

Voor de hogere groepen

Je begint hetzelfde met een breed strook papier dat om het hoofd van een kind past. De kinderen gaan dan verschillende vouwblaadjes vouwen in de vorm van een vlieger. De kinderen maken hier een aantal van zodat de kroon versiert kan worden met de gekleurde punten.

-         vouwblaadjes

-         karton voor om de hoofden

-         plakkertjes

-         lijm

-         schaar

 

De afsluiting van het project.

 

We vonden het een leuk idee om het project met iets origineels af te sluiten. We hebben gekozen voor een koningsmaaltijd.

Het is de bedoeling dat op deze avond alles wat de kinderen gemaakt hebben tentoon wordt gesteld aan de ouders en dat de ouders ook even een kijkje kunnen nemen in de klas.

De kinderen leggen overdag de laatste hand aan alle werkjes.

‘s Avonds komen de kinderen verkleed als koning en koningin naar school en is er een maaltijd.

Als ze aankomen ligt er een rode loper uit en elke jongen komt samen met een meisje binnen.

Voor de maaltijd wordt er een verhaal voorgelezen over koningen. Het verhaal zal gaan over Jezus (koning van de Joden) laatste maaltijd met zijn leerlingen. De klas is ingericht met mooi gedekte tafels wat de kinderen zelf hebben gemaakt.

Op deze avond weten ze veel van koningen. Over hun gewoontes en dergelijke, omdat er daar de afgelopen weken veel over is gepraat.

Als iedereen binnen is begint de maaltijd en wordt er gegeten als echte koningen en koninginnen.

Als afsluiting van de maaltijd is er een koningsbal en kunnen de kinderen nog even dansen.

Aan het einde van de avond komen de ouders de kinderen weer ophalen.

 

Benodigdheden voor de avond:

 

·        Alle werkjes die van tevoren zijn gemaakt met de kinderen.

·        De zelfgemaakte servetringen

·        Kaarsen

·        Borden (die de kinderen zelf gemaakt / versierd hebben)

·        Kroon (die de kinderen zelf gemaakt hebben)

·        Kleden en stofjes voor de aankleding van de klas.

·        Bestek

·        Elk kind maakt thuis iets te eten en neemt het mee naar school. Alle hapjes die de kinderen hebben meegebracht worden geserveerd op een versierde tafel.

·        Boek met het verhaal van het laatste avondmaal van Jezus en zijn leerlingen.

·        Rode loper of iets wat er op lijkt.