|
jan c.m.engelen 070103 Richting – zin Gedeelde vreugde is blijkbaar iets aparts. De vreugde heeft een richting gekregen. Iemand die hardop in zichzelf spreekt wekt medelijden. Dat gevoel is er nooit wanneer er een ander bij is, wanneer je tot iemand spreekt. Het spreken heeft dan een adres gekregen, een doel, een bedoeling, een richting, een zin. Een naam, dat wat iets is, is een soort label. Het geeft de inhoud van het genoemde weer. Maar vergeet niet: de naam is alleen een naam wanneer daarmee ook voor de ander het genoemde duidelijk is. De ander, uiteindelijk steeds concreet, is de voortdurend aanwezige, het adres van mijn spreken. Wanneer door welke omstandigheid dan ook, de ander, ieder ander, welke ander dan ook, volstrekt afwezig is, is alles zinloos geworden. In het Frans kan men richting vertalen met sens. Daarmee is ook volstrek duidelijk geworden wat non-sens betekent. |